Skip to main content

De klok tikt voor duizenden mkb-ondernemers. Terwijl grote pensioenfondsen al druk bezig zijn met de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel, blijkt dat veel kleinere werkgevers én zelfstandige ondernemers nog nauwelijks in actie zijn gekomen. Dat kan grote gevolgen hebben. Niet alleen voor hun personeel, maar ook voor henzelf.

Dubbele uitdaging voor mkb’ers

Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is bijna dertig procent van de mkb-ondernemers ouder dan 55 jaar. Meer dan de helft van hen heeft nog geen plan voor bedrijfsoverdracht of pensioenopbouw. Veel ondernemers rekenen op de verkoop van hun bedrijf als oudedagsvoorziening, maar dat is riskant. Niet elk bedrijf is eenvoudig te verkopen, zeker zonder opvolger.

De vergrijzing in het ondernemerschap zorgt zo voor een dubbele uitdaging: het tijdig aanpassen van pensioenregelingen voor werknemers én het veiligstellen van de persoonlijke financiële toekomst van de ondernemer zelf.

Werknemerspensioen: tijd dringt

Voor werkgevers met personeel geldt dat hun bestaande pensioenregeling uiterlijk 31 december 2027 moet zijn aangepast aan de Wet toekomst pensioenen. Wie te laat is, loopt het risico dat de verzekeraar de oude regeling beëindigt met juridische en financiële gevolgen.

Volgens voorzitter Jacco Vonhof is het gebrek aan actie zorgelijk: “Voor veel ondernemers is pensioen geen hobby. Ze weten dat het belangrijk is, maar schuiven het voor zich uit. De urgentie is er wel degelijk.”

De nieuwe wet schrijft voor dat werkgevers alleen nog een beschikbare premieregeling (DC-regeling) mogen aanbieden. Daarbij staat de premie vast, maar niet de uiteindelijke uitkering; die hangt af van beleggingsresultaten. De oude uitkeringsovereenkomst (DB-regeling) verdwijnt.

Binnen het nieuwe stelsel kunnen werkgevers kiezen tussen een solidaire of een flexibele premieregeling, afhankelijk van hoeveel beleggingsvrijheid werknemers krijgen.

Zes stappen voor mkb’ers

Ondernemers die hun pensioenregeling nog moeten vernieuwen, doen er goed aan om op tijd te beginnen. De belangrijkste stappen:

  1. Check je verplichtingen. Val je onder een bedrijfstakpensioenfonds? Controleer dit via je cao of SBI-code.
  2. Breng wensen van werknemers in kaart. Wat vinden zij belangrijk in hun pensioen?
  3. Kies de juiste regeling. Laat je adviseren over de verschillen tussen solidaire en flexibele DC-regelingen.
  4. Schakel een adviseur in. Een onafhankelijke pensioenadviseur voorkomt fouten en versnelt het proces.
  5. Communiceer duidelijk. Werknemers moeten instemmen met de omzetting.
  6. Begin op tijd. De wettelijke deadlines lijken ver weg, maar het traject kost vaak maanden.

Ondernemers zonder vangnet

Tegelijkertijd blijkt dat meer dan de helft van de zelfstandigen geen structurele pensioenvoorziening heeft. De AOW vormt slechts een basis, en de rest moet de ondernemer zelf regelen. Sommigen kiezen voor een pensioenverzekering of bancaire lijfrente, anderen beleggen privé of investeren in hun bedrijfspand.

Veel ondernemers zien hun bedrijf als pensioenpot, maar dat is niet zonder risico. De verkoopbaarheid van een onderneming is niet vanzelfsprekend, zeker in sectoren zonder opvolgers of met een beperkte kopersmarkt.

Pensioen als werkgeversinstrument

Een goede pensioenregeling is niet alleen een verplichting, maar ook een kans. 93% van de werknemers vindt een pensioenregeling belangrijk. Bedrijven die dit actief communiceren, profileren zich als aantrekkelijke werkgever. Bovendien is pensioen fiscaal voordeliger dan loonsverhoging een voordeel voor beide partijen.

De oproep is duidelijk

De komende jaren vormen een kantelpunt voor het mkb. De pensioenwetgeving én de vergrijzing dwingen ondernemers om vooruit te kijken. “We hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om te voorkomen dat het straks misgaat,” zegt Vonhof. “Het is nu tijd om te handelen.” Of het nu gaat om werknemerspensioen of je eigen oudedagsvoorziening. Pensioen hoort bij goed ondernemerschap.

Leave a Reply